|
DAG 10 - maandag 20 maart |
|
We schrikken om 7.00 uur wakker omdat we bekende stemmen op de gang horen. Gaan we misschien al om 7.30 uur weg in plaats van om 8.30 uur? Leo doet snel zijn lenzen in, trekt wat kleding aan en loopt de gang op. Het blijkt dat we inderdaad pas om 8.30 uur weggaan. Wat een onrustig begin van de dag! Aangezien we geen warm water hebben, beperken we ons vandaag tot een simpele wasbeurt. Om 8.30 uur staat de hele groep buiten voor de deur van het hotel. Het is betrekkelijk rustig op straat. Vandaag wordt het Holi-festival gevierd, het begin van de zomer. Tijdens dit festival is het de gewoonte om elkaar met gekleurd water te bekogelen. Hiervoor gebruiken de Indiërs waterspuiten en plastic zakjes. Omdat er vandaag geen bussen rijden in verband met het Holi-festival, hebben wij besloten om de reis naar Udaipur met twee taxi's af te leggen. Martin waarschuwt ons wel dat men ons zal bekogelen met verf en zelfs uit de taxi zullen proberen te halen. Wij laten ons niet afschrikken. Martin heeft gisteren na lang zoeken twee chauffeurs gevonden die tegen driemaal de normale prijs de 320 kilometer willen rijden. Alhoewel, erg van harte gaat het niet. |
||
| Na lang wachten komt uiteindelijk één chauffeur in een spierwitte Ambassador aangereden. Dit "antieke" model Engelse auto zie je vaak in het Indiase straatbeeld. Ze blijken nog steeds gemaakt te worden. Toen de auto in Engeland uit productie werd genomen, hebben ze de hele fabriek naar India verhuisd . Als uiteindelijk de tweede chauffeur is aangekomen, doen ze erg moeilijk over onze bagage. Volgens hen past het niet in de auto's. Met enige Hollandse efficiëntie passen de rugzakken precies in de kofferbak van de auto's. Als ze met veel pijn en moeite zijn ingeladen, willen de chauffeurs opeens meer geld hebben. Martin laat direkt alle rugzakken weer uit de auto halen. Daar staan we weer! | ||
| Martin begint een heftige discussie. De hoteleigenaar wordt er ook bij betrokken. Als de hoteleigenaar aan het bemiddelen is, loopt Martin weg om een alternatief te zoeken. Het blijkt erg moeilijk te zijn om andere taxi's te vinden. De hoteleigenaar heeft echter ondertussen zijn werk gedaan. De chauffeurs willen nu wel rijden tegen het afgesproken tarief. Martin verlengt de discussie nog even door te stellen dat we het vertrouwen in de chauffeurs kwijt zijn. Hij schetst het beeld dat ze onderweg weer beginnen te zeuren om meer geld. De chauffeurs en de hoteleigenaar verzekeren ons echter dat de afspraak nu staat. Met een handdruk wordt de afspraak beklonken en zijn we weer vrienden. Uiteindelijk gaan we op weg. Het zal een enerverende en spannende rit worden... | ||
| Onderweg wordt duidelijk waarom de bussen niet rijden. Groepen jongeren slenteren over straat en zijn rijkelijk voorzien van munitie (verfspuiten en verfbommen). De eerste groepen laten onze taxi's ongemoeid. Vanuit de voorste taxi kunnen we zien dat de tweede taxi (de spierwitte) getroffen wordt door een voltreffer. De hele zijkant van de taxi is roze gekleurd. Enkele kilometers buiten de stad worden we tot stoppen gedwongen door een grote groep jongeren. Ze trekken onze deuren open, wij trekken ze vlug weer dicht en kunnen ze net op tijd op slot doen. De jongeren komen rond de taxi staan. Ze kijken nieuwsgierig naar binnen en dreigen met verfbommen. |
![]() |
|
| Na enige onderhandeling en het betalen van 10 Rs (f 0,50) mogen we weer doorrijden. Door de achterruit zien we dat ook de tweede taxi tot stoppen wordt gedwongen. Na enige minuten en na betaling mogen ook zij doorrijden. Gedurende de dag worden we steeds tot stoppen gedwongen. Op een gegeven moment is zelfs de weg geblokkeerd met stenen. | ||
![]() |
Een grote groep jongeren gedraagt zich erg agressief, waarschijnlijk onder invloed van alcohol en drugs. Als we de gevraagde 50 Rs weigeren te betalen, wordt de sfeer grimmig. Er zijn zelfs jongens die hard op de taxi slaan en met stenen dreigen te gooien. Met name één jongen wordt erg agressief als Martin enig verbaal geweld gebruikt en met zijn handen een dreigende houding aanneemt. Leo probeert nog te bemiddelen door aan te bieden de gevraagde rupees te betalen. Martin wil echter niet meer betalen dan 10 Rs. | |
|
DAG 11 - dinsdag 21 maart |
| Na een sanitaire stop in het hotel lopen we naar de andere kant van de stad. We brengen een bezoek aan het Sunset-viewpoint. We hebben met zijn zessen voor vanavond een luxe diner geboekt (in buffetvorm) in het Lake Palace hotel en hier vertrekt onze boot. Dit voormalige paleis werd in 1754 gebouwd in opdracht van maharadja Jagat Singh. Nu is het een hotel van absolute topklasse. Onderweg komen we Ton en Gerda tegen en samen lopen we de straatjes door. We kijken weer in veel winkeltjes rond en we bezoeken nogmaals de ghats. | ||
|
DAG 12 - woensdag 22 maart |
|
Vandaag nemen we een vakantiedag op. Lekker relaxen. 's Morgens gaan we naar een internetwinkeltje en versturen we een email met onze laatste belevenissen. Daarna brengen we nog een bezoek aan de ghat. We kunnen er geen genoeg van krijgen! De Engelse schilder staat er ook weer. Hij blijkt regelmatig door India te reizen om - in opdracht van derden - schilderijen te maken. Zijn vrouw blijft in Engeland. Hij heeft nog een raadsel voor ons. We moeten het verschil zoeken tussen zijn schilderij en de realiteit. Na een tijdje zien wij nog steeds het verschil niet. Uiteindelijk verklapt hij het. Hij is enkele jaren geleden begonnen aan het schilderij. Hij was toen in een andere seizoen in Udaiphur. Het waterpeil op het schilderij staat aanmerkelijk hoger dan dat het huidige peil. Als de moessoen uitblijft en de zomer erg heet is, kan het meer opdrogen, een ramp voor de bewoners van de stad. |
| 's Avonds eten we gezamenlijk in het hotel. Het eten is wel lekker, maar niet zo lekker als gisteren in het Lake Palace Hotel. Na het eten gaan we nog naar de Jagdisch- Tempel. Deze tempel is gewijd aan Vishnu en in de tempel staat een bronzen beeld van Garoeda (half mens / half vogel), het rijdier van Vishnu. Om de tempel te kunnen betreden, moeten we een hoge stenen trap op en tussen twee stenen olifanten door. Overdag is deze trap een populaire bedelstek. Ook nu moeten we natuurlijk onze schoenen weer uittrekken. In deze prachtige tempel uit 1651 wordt momenteel een dienst gehouden. De mannen en vrouwen zitten apart op de grond. Ze zingen en worden ritmisch begeleid op trommels. Volgens een agent mogen we niet fotografen en/of filmen. De mensen in de tempel hebben er echter geen bezwaar tegen en we besluiten dan ook om enkele foto's te maken en te filmen. |
Een dienst in de Jagdisch-tempel |
||
|
De keuken |
Buiten op het tempelcomplex raken we elkaar kwijt. Opeens hoor ik mijn naam roepen. Als ik omhoog kijk, staat Roos op het dak van een huis. Ze blijkt uitgenodigd te zijn door enkele kinderen en vrouwen om hun huis te bezoeken. Ik besluit ook even boven te kijken. Sluipend door kleine, donkere, lege kamers en klimmend over wankele trappen bereik ook ik het dak. De familie laat vol trots hun schamele bezit zien. We maken een foto van de keuken met opgestapelde glimmende potten en pannen. Bij ons afscheid willen de vrouwen geen geld accepteren. Hier in dit huis woont de priester van dit tempelcomplex en ze mogen geen geld aannemen. We mogen wel geld doneren voor de tempel. Een klein jongetje pakt het geld aan en hij rent vervolgens de tempel in om het geld daar af te geven. Waarschijnlijk is dit voor hem een ontzettend goede daad. Na een vriendelijk afscheid gaan wij weer op weg naar het hotel. |
||
|
DAG 13 - donderdag 23 maart |
|
DAG 14 - vrijdag 24 maart |
| Ondertussen hebben we flinke honger gekregen. We besluiten te gaan eten in de Pizzahut (!). Hiervoor hebben we vervoer nodig. Op een plein staan veel riksjarijders. Er staat één grote riksja waarin we met enige moeite met zijn zessen passen. Als we het dan ook eens worden over de prijs (90 Rs) kunnen we gaan. Ton vindt het allemaal te lang duren en besluit achter het stuur te kruipen. Tot groot vermaak van alle aanwezige riksjarijders rijdt hij met de riksja weg terwijl wij achterin zitten. Als hij de riskja weer tot stilstand heeft gebracht, staat iedereen te lachen. Als we bij de Pizzahut aankomen, maken we met de riksjarijder de afspraak dat hij ons weer komt ophalen. We eten heerlijk knoflookbrood en een pizza. Voor de overgebleven pizzastukken vragen we een doggybag. We willen de bijna gehele pizza die over is gebleven aan een zwerver geven. Buiten lopen we nog een rondje door het luxe winkelcentrum waar de meeste winkels al gesloten zijn of aan het sluiten zijn. Als een zwerver geld komt bedelen, geven we hem de pizza. Hij kijkt erg verongelijkt. Hij wil namelijk geld en geen eten. Als we de pizzadoos weer terug willen pakken, bedenkt hij zich. Hij wil de pizza toch graag zelf houden. Omdat we veel eerder dan de afgesproken tijd terug zijn, staat de riksjarijder er nog niet. We besluiten, met enig schuldgevoel, twee andere riksja's te nemen naar het hotel. We gaan nog even internetten en telefoneren naar Nederland. Daarna nog iets gedronken in de tuin van het hotel. |