DAG 10 - maandag 20 maart

We schrikken om 7.00 uur wakker omdat we bekende stemmen op de gang horen. Gaan we misschien al om 7.30 uur weg in plaats van om 8.30 uur? Leo doet snel zijn lenzen in, trekt wat kleding aan en loopt de gang op. Het blijkt dat we inderdaad pas om 8.30 uur weggaan. Wat een onrustig begin van de dag!

Aangezien we geen warm water hebben, beperken we ons vandaag tot een simpele wasbeurt. Om 8.30 uur staat de hele groep buiten voor de deur van het hotel. Het is betrekkelijk rustig op straat. Vandaag wordt het Holi-festival gevierd, het begin van de zomer. Tijdens dit festival is het de gewoonte om elkaar met gekleurd water te bekogelen. Hiervoor gebruiken de Indiërs waterspuiten en plastic zakjes. Omdat er vandaag geen bussen rijden in verband met het Holi-festival, hebben wij besloten om de reis naar Udaipur met twee taxi's af te leggen. Martin waarschuwt ons wel dat men ons zal bekogelen met verf en zelfs uit de taxi zullen proberen te halen. Wij laten ons niet afschrikken. Martin heeft gisteren na lang zoeken twee chauffeurs gevonden die tegen driemaal de normale prijs de 320 kilometer willen rijden. Alhoewel, erg van harte gaat het niet.

Na lang wachten komt uiteindelijk één chauffeur in een spierwitte Ambassador aangereden. Dit "antieke" model Engelse auto zie je vaak in het Indiase straatbeeld. Ze blijken nog steeds gemaakt te worden. Toen de auto in Engeland uit productie werd genomen, hebben ze de hele fabriek naar India verhuisd . Als uiteindelijk de tweede chauffeur is aangekomen, doen ze erg moeilijk over onze bagage. Volgens hen past het niet in de auto's. Met enige Hollandse efficiëntie passen de rugzakken precies in de kofferbak van de auto's. Als ze met veel pijn en moeite zijn ingeladen, willen de chauffeurs opeens meer geld hebben. Martin laat direkt alle rugzakken weer uit de auto halen. Daar staan we weer!
Martin begint een heftige discussie. De hoteleigenaar wordt er ook bij betrokken. Als de hoteleigenaar aan het bemiddelen is, loopt Martin weg om een alternatief te zoeken. Het blijkt erg moeilijk te zijn om andere taxi's te vinden. De hoteleigenaar heeft echter ondertussen zijn werk gedaan. De chauffeurs willen nu wel rijden tegen het afgesproken tarief. Martin verlengt de discussie nog even door te stellen dat we het vertrouwen in de chauffeurs kwijt zijn. Hij schetst het beeld dat ze onderweg weer beginnen te zeuren om meer geld. De chauffeurs en de hoteleigenaar verzekeren ons echter dat de afspraak nu staat. Met een handdruk wordt de afspraak beklonken en zijn we weer vrienden. Uiteindelijk gaan we op weg. Het zal een enerverende en spannende rit worden...
Onderweg wordt duidelijk waarom de bussen niet rijden. Groepen jongeren slenteren over straat en zijn rijkelijk voorzien van munitie (verfspuiten en verfbommen). De eerste groepen laten onze taxi's ongemoeid. Vanuit de voorste taxi kunnen we zien dat de tweede taxi (de spierwitte) getroffen wordt door een voltreffer. De hele zijkant van de taxi is roze gekleurd. Enkele kilometers buiten de stad worden we tot stoppen gedwongen door een grote groep jongeren. Ze trekken onze deuren open, wij trekken ze vlug weer dicht en kunnen ze net op tijd op slot doen. De jongeren komen rond de taxi staan. Ze kijken nieuwsgierig naar binnen en dreigen met verfbommen.
Na enige onderhandeling en het betalen van 10 Rs (f 0,50) mogen we weer doorrijden. Door de achterruit zien we dat ook de tweede taxi tot stoppen wordt gedwongen. Na enige minuten en na betaling mogen ook zij doorrijden. Gedurende de dag worden we steeds tot stoppen gedwongen. Op een gegeven moment is zelfs de weg geblokkeerd met stenen.
Een grote groep jongeren gedraagt zich erg agressief, waarschijnlijk onder invloed van alcohol en drugs. Als we de gevraagde 50 Rs weigeren te betalen, wordt de sfeer grimmig. Er zijn zelfs jongens die hard op de taxi slaan en met stenen dreigen te gooien. Met name één jongen wordt erg agressief als Martin enig verbaal geweld gebruikt en met zijn handen een dreigende houding aanneemt. Leo probeert nog te bemiddelen door aan te bieden de gevraagde rupees te betalen. Martin wil echter niet meer betalen dan 10 Rs.
Als de 10 Rs uiteindelijk door de jongens worden geaccepteerd, trekken ze de agressieve jongen los van de taxi en proberen we weg te rijden. Ze blijken echter stenen voor de wielen gelegd te hebben. Uiteindelijk lukt het om weg te rijden. Direct om de bocht staat echter weer een nieuwe groep. We beginnen er nu genoeg van te krijgen! We mogen echter zonder te betalen doorrijden. Na elke bocht in de weg is het weer een opluchting als er geen barricade te zien is. Onderweg wijzigt het landschap zich. We scheuren en schuiven - letterlijk - over de smalle en slechte weg. De banden van de auto voelen we regelmatig schuiven. We naderen heuvels en bergen. Langs de kant van de weg zien we wilde apen zitten. We maken een stop bij de prachtige Chaumukh Jain-tempel in Ranakpur. Deze tempel is één van de mooiste en grootste Jain-tempels in India. Het is ook één van de vijf heiligste plekken van Jainisme.We betalen voor de foto- en videocamera. Aan de rechterzijde van de trap (toeristenzijde) trekken we onze schoenen uit. Op onze sokken betreden we de prachtige marmeren tempel. De tempel dateert uit 1439 en telt maar liefst 1.444 bewerkte pilaren, waarvan er geen één hetzelfde is. Alleen de vloer is van natuursteen. De rest is allemaal gemaakt van prachtig bewerkt marmer. De Jains mogen geen geweld gebruiken tegen een levend wezen. Jains zijn dus vegetariërs en sommige aanhangers gaan zo ver dat zij een doek voor de mond dragen om niet onnodige insekten te doden.

De autorit gaat verder door de bergen, waarbij de chauffeur rakelings langs tegenliggers scheurt. Ook schuift de auto weer gevaarlijk door de bochten door de gladde zachte banden in combinatie met de hoge snelheid. Rond 15.30 uur komen we aan bij het hotel, Raj Palace in Udaipur. Op de binnenplaats, onder de palmen, nemen we een heerlijke koude frisdank om bij te komen van onze belevenissen. We blijken een hele mooie kamer te hebben met een zitbank voor de ramen, een grote zilveren spiegel en zelfs een bad.

Na een verfrissende douche gaat Leo nog een uurtje op het dakterras van het hotel in de zon een boekje lezen. Enkele "helden" van de groep gooien plastic zakjes met gekleurd water naar beneden Het Holi-festival is namelijk nog niet afgelopen. Langs het hotel komen regelmatig groepen mannen langs die van top tot teen onder de verf zitten. Ook op het dakterras van een aangrenzend pand vinden nog heftige water- en verfgevechten plaats.

's Avonds eten we gezamenlijk in het hotel Het wordt ons afgeraden om nog de straat op te gaan. De mensen die nu nog buiten lopen verkeren waarschijnlijk onder invloed van alcohol en hebben geen goede bedoelingen. We verorberen een heerlijke maaltijd.

DAG 11 - dinsdag 21 maart
We negeren het gekakel van een haan en slapen uit tot 9.00 uur. We ontbijten in de tuin. We eten en drinken weer het gebruikelijke menu; toast met jam en ei. We spoelen het eten weg met thee. Rond de klok van 10.30 uur zijn we eindelijk op weg om Udaipur te bezichtigen. Udaipur wordt als één van de mooiste steden in India omschreven vanwege haar prachtige paleizen en haveli's (koopmanshuizen). De James Bond film Octopussy is hier opgenomen.We lopen linksaf de straat in. Over een enigszins stijgende weg lopen we weer tussen de koeien door, langs de winkels en fraai beschilderde huizen in de richting van het centrum met de belangrijkste bezienswaardigheden.
We brengen eerst een bezoek aan het City Palace, het grootste paleizencomplex van Rajasthan op de oostoever van Lake Pichola.. De bouw van dit paleis startte in de 17e eeuw, maar volgende heersers voegden er steeds weer een stuk aan toe. Het paleis is dan ook bijzonder groot. We kopen kaartjes en gaan het paleis binen via de Tripolia, een driedubbele poort. We lopen er een uurtje rond en bezichtingen de diverse paleizen, zalen, bewerkte muren en ramen, de diverse uitzichtpunten op de stad en op het Lake Pichola. Er zijn prachtige pauwenmozaïeken in het paleis. Midden in het meer ligt op een eiland het Lake Palace Hotel. Hier gaan we vanavond heel decadent eten. Als we het paleis verlaten hebben, nemen we een pauze in de schaduw tegenover de ingang van het hotel.

Terug in de straten van Udaiphur zien we twee beschilderde olifanten lopen. Het blijkt een toeristische attractie te zijn om je op de rug van een olifant door de nauwe straatjes te laten vervoeren. In dit toeristische gedeelte van Udaipur, Jagdish Temple Road, is het vergeven van de kunstnijverheids-, antiek- en kledingwinkeltjes. Ook kan je overal internetten. Overal in Udaipur duikt het beeld van een gouden zon met een snor op. Dit is het symbool van de heersers van Mewar, de staat waarvan Udaipur de laatste hoofdstad was.

Bij de Jagdish-tempel gaan we linksaf richting de Gangor Ghat. Bij de ghat ontmoeten we een Engelse schilder die een schilderij staat te maken van het meer. In het meer liggen twee paleiseilanden, het 18e-eeuwse Jag Niwas, nu dus het Lake Palace Hotel en het 17e-eeuwse Jag Mandir.

 

Er zijn twee ghats. Eén voor de vrouwen en één voor de mannen. Een ghat is een lange trap, die reikt tot aan het water. Vrouwen en kinderen baden en zwemmen er en doen er de was. De kleding wordt met behulp van gewone zeep en een stuk hout gewassen. De kleding wordt over een steen gewreven en met het stuk hout wordt op de kleding geslagen. We maken voorzichtig enkele foto's van dit kleurrijke schouwspel.

Na een sanitaire stop in het hotel lopen we naar de andere kant van de stad. We brengen een bezoek aan het Sunset-viewpoint. We hebben met zijn zessen voor vanavond een luxe diner geboekt (in buffetvorm) in het Lake Palace hotel en hier vertrekt onze boot. Dit voormalige paleis werd in 1754 gebouwd in opdracht van maharadja Jagat Singh. Nu is het een hotel van absolute topklasse. Onderweg komen we Ton en Gerda tegen en samen lopen we de straatjes door. We kijken weer in veel winkeltjes rond en we bezoeken nogmaals de ghats.
Aan het eind van de middag gaan we terug naar het hotel om te douchen en ons om te kleden voor het diner in het Lake Palace Hotel. Terwijl de zon ondergaat, worden we met een bootje naar het hotel gevaren. In het hotel drinken we eerst iets in de lounge. Buiten op een binnenplaats is een poppenshow met live-muziek. Als de poppenshow is afgelopen krijgen we een dansvoorstelling. Om 19.30 uur mogen we eindelijk de eetzaal in. Het eten is in buffetvorm. Het ziet er heerlijk uit. Er is volop vlees, lekkere toetjes en ijs. We proberen van bijna elk gerecht een klein beetje, ook van de vleesgerechten en zelfs van het ijs! De gebakken aardappelen en de toetjes zijn het lekkerst. We vertrouwen er maar op dat het hotel zich niet kan veroorloven dat gasten ziek worden.

DAG 12 - woensdag 22 maart

Vandaag nemen we een vakantiedag op. Lekker relaxen. 's Morgens gaan we naar een internetwinkeltje en versturen we een email met onze laatste belevenissen. Daarna brengen we nog een bezoek aan de ghat. We kunnen er geen genoeg van krijgen! De Engelse schilder staat er ook weer. Hij blijkt regelmatig door India te reizen om - in opdracht van derden - schilderijen te maken. Zijn vrouw blijft in Engeland. Hij heeft nog een raadsel voor ons. We moeten het verschil zoeken tussen zijn schilderij en de realiteit. Na een tijdje zien wij nog steeds het verschil niet. Uiteindelijk verklapt hij het. Hij is enkele jaren geleden begonnen aan het schilderij. Hij was toen in een andere seizoen in Udaiphur. Het waterpeil op het schilderij staat aanmerkelijk hoger dan dat het huidige peil. Als de moessoen uitblijft en de zomer erg heet is, kan het meer opdrogen, een ramp voor de bewoners van de stad.

's Avonds eten we gezamenlijk in het hotel. Het eten is wel lekker, maar niet zo lekker als gisteren in het Lake Palace Hotel. Na het eten gaan we nog naar de Jagdisch- Tempel. Deze tempel is gewijd aan Vishnu en in de tempel staat een bronzen beeld van Garoeda (half mens / half vogel), het rijdier van Vishnu. Om de tempel te kunnen betreden, moeten we een hoge stenen trap op en tussen twee stenen olifanten door. Overdag is deze trap een populaire bedelstek. Ook nu moeten we natuurlijk onze schoenen weer uittrekken. In deze prachtige tempel uit 1651 wordt momenteel een dienst gehouden. De mannen en vrouwen zitten apart op de grond. Ze zingen en worden ritmisch begeleid op trommels. Volgens een agent mogen we niet fotografen en/of filmen. De mensen in de tempel hebben er echter geen bezwaar tegen en we besluiten dan ook om enkele foto's te maken en te filmen.

Een dienst in de Jagdisch-tempel

De keuken

Buiten op het tempelcomplex raken we elkaar kwijt. Opeens hoor ik mijn naam roepen. Als ik omhoog kijk, staat Roos op het dak van een huis. Ze blijkt uitgenodigd te zijn door enkele kinderen en vrouwen om hun huis te bezoeken. Ik besluit ook even boven te kijken. Sluipend door kleine, donkere, lege kamers en klimmend over wankele trappen bereik ook ik het dak. De familie laat vol trots hun schamele bezit zien. We maken een foto van de keuken met opgestapelde glimmende potten en pannen.

Bij ons afscheid willen de vrouwen geen geld accepteren. Hier in dit huis woont de priester van dit tempelcomplex en ze mogen geen geld aannemen. We mogen wel geld doneren voor de tempel. Een klein jongetje pakt het geld aan en hij rent vervolgens de tempel in om het geld daar af te geven. Waarschijnlijk is dit voor hem een ontzettend goede daad. Na een vriendelijk afscheid gaan wij weer op weg naar het hotel.


DAG 13 - donderdag 23 maart
Om 7.00 uur worden we aan het ontbijt verwacht. Leo bestelt zijn ontbijt en gaat daarna direct op zoek naar een internetwinkel. Hij wil namelijk graag de voetbaluitslag weten van Feyenoord-Chelsea.. Helaas zijn de meeste winkels nog gesloten. Als hij uiteindelijk een winkeltje vindt, lukt het niet om een internetverbinding tot stand te brengen. Als hij terugkomt in het hotel staat zijn ontbijt nog steeds niet op tafel. Roos zit wel lekker te eten. Aangezien we de bus moeten halen, gaat Leo uiteindelijk zonder ontbijt op pad. We reizen vandaag met een Silver-line bus. Deze silver-line bus zou een luxe bus moeten zijn. De bus is echter ontzettend smerig; het zand en de stof ligt duimendik op de stoelleuningen. De bus is waarschijnlijk luxe omdat er minder defect is dan bij de andere publieke bussen. Het wordt een zeer lange rit. Volgens ons doet de tweede of derde versnelling het niet. De chauffeur schakelt in ieder geval erg weinig terug. Telkens als we even vaart hebben moeten minderen, wordt er weer tergend langzaam opgetrokken.
Onderweg komen we nog stil te staan in een hele lange file. Als we zijn uitgestapt en alle vrachtwagen voorbij lopen, zien we waardoor de file is ontstaan. Vlak voor een brug zijn twee vrachtwagens frontaal tegen elkaar gereden. De chauffeurs van alle vrachtwagens bemoeien zich met de afhandeling van het ongeluk. Uiteindelijk lukt het om de vrachtwagens op één helft van de weg te zetten zodat we weer verder kunnen. Om 20.00 uur komen we eindelijk aan in Jaipur. Een ontzettend lange dag voor een rit van slechts 410 kilometer.
We worden weer opgewacht door tientallen riksjarijders die bijna letterlijk vechten om een ritje. Martin zorgt weer voor het vervoer. Het is prachtig om te zien hoe hij met de gillende riksjarijders omgaat. Als hij naar de prijs vraagt en de rijder vraagt een te hoge prijs (50 Rs) dan valt hij direct af. Hij krijgt geen tweede kans om een lagere prijs te vragen. Martin stapt direct op een volgende rijder af totdat hij de gewenste prijs (20 Rs) per riksja kan te betalen. Om 20.00 uur komen we aan in Hotel Bissau Palace, een oud voormalig paleis van de rawal (hertog) van Bissau. Het hele hotel staat vol met spullen die dateren uit de tijd van de Britten. We krijgen een zeer knusse kleine kamer met een hemelbed, oude foto's van de maharadja aan de muur en een grote badkamer met bad. Ook Prins Charles schijnt in dit zeer sfeervolle hotel geslapen te hebben. Misschien wel in ons bed. We eten in het hotel. Leo neemt vegetable cutlets met frites en Roos neemt gebakken rijst. Het eten is relatief duur. Ook de drankjes zijn relatief duur; de prijs van een flesje is hetzelfde, maar de inhoud is minder.

DAG 14 - vrijdag 24 maart

Om 7.00 uur staan we op. We hebben met de groep om 8.00 uur voor het ontbijt afgesproken. We ontbijten in de mooie tuin aan de voorzijde van het hotel. We hebben vandaag taxi's gehuurd (65 Rs per persoon) die de hele dag bij ons blijven. Rond de klok van 9.00 uur gaan we op weg. Jaipur is de roze hoofdstad van Rajasthan. De stad werd in 1727 gesticht. De stad wordt de roze stad genoemd, omdat voor het bezoek van prins Albert, in 1883 alle muren van de stad roze werden geschilderd. Roze is de kleur van het welkom in Rajasthan.

De eerste stop is bij het Paleis der Winden (Hawa Mahal). Het paleis is rond 1800 gebouwd voor de harem van koning Pratap Singh. Het is het beroemdste gebouw in Jaipur. Eigenlijk is de Hawa Mahal geen gebouw, maar een gevel met vijf verdiepingen en 953 balkons en nissen. De balkons en bogen moesten het minste zuchtje wind opvangen. Het gebouw werd vroeger gebruikt door de hofdames. Ze konden uit de ramen de optochten zien, zonder zelf gezien te worden. Voor het paleis zitten enkele slangenbezweerders op hun fluit te spelen. De cobra's worden uit hun rieten mandjes gehaald en nemen een agressieve houding aan als er op de fluiten wordt gespeeld. Tegen betaling (uiteraard) mogen we foto's maken.
Vervolgens brengen we een bezoek aan het City Palace. Een deel van dit complex (de Chandra Mahal) wordt nog bewoond door de voormalige koninklijke familie en is dus niet toegankelijk voor publiek. In verschillende andere gebouwen zijn musea gevestigd. We zien oude kostuums, textiel, wapens, tapijten etc. Op een binnenplaats bij de ingang staan twee enorme zilveren vazen. Het zijn de grootste zilveren voorwerpen ter wereld. In deze vazen vervoerde Madho Singh II heilig water uit de Ganges tijdens zijn reis naar Engeland. Helaas krijgen we geen toegang tot de troonzaal. Wel zien we apen op de daken lopen.

Aan de overzijde van de straat ligt het Jantar Mantar, het grootste openlucht sterrenobservatorium ter wereld. Dit observatorium werd tussen 1728 en 1734 gebouwd. De instumenten lijken wel moderne beeldhouwwerken. Deze bouwwerken van steen en marmer werden echter ontworpen om te bewijzen dat de hindoe-astrologie op precieze wetenschappelijke berekeningen was gebaseerd. Roos heeft er graag de 4 Rs voor de entree voor over. Leo heeft geen interesse en blijft buiten de muren van het straatleven genieten. Hij wordt constant lastig gevallen door verkopers van frisdranken, fotorolletjes en ansichtkaarten. Als Leo diverse malen kenbaar heeft gemaakt geen interesse te hebben, raakt hij in gesprek met twee verkopers. Ze vragen hem zijn oren van het hoofd. Als ze vragen of hij vlees eet, geeft hij eerlijk antwoord. Als de verkopers horen dat wij in Nederland kippen, koeien en varkens eten, lopen ze hard lachend weg. Het blijken Moslims te zijn. Ze kunnen zich niet voorstellen dat wij varkensvlees eten. Ondertussen is Arie aangeschoven. Als ze aan hem vragen of hij ook hond en kat eet, antwoordt Arie dat hij dit af en toe eet. Nu komen ze helemaal niet meer bij van het lachen. Arie en Leo trouwens ook niet.

Vervolgens brengen we een bezoek aan het Amer-fort, zo'n 11 kilometer ten noorden van Jaipur. In 1037 werd met de bouw van dit fort begonnen. Wat er nu nog staat, is vanaf 1592 gebouwd. Het fortpaleis wordt gerekend tot de mooiste paleizen in Rajasthan. Het fort ligt op een berg en we laten ons per olifant de berg op brengen. Een lang, steil pad leidt naar het paleis. Per olifant moeten we 400 Rs betalen (dus 100 Rs per peroon). Ook hier blijken de prijzen weer verhoogd te zijn. Volgens de Loney Planet (van het vorig jaar) is de prijs 250 Rs. Als we eenmaal zijn opgestapt, blijkt de olifant er weing zin in te hebben. Iedereen haalt ons in. Niet alleen andere olifanten, maar ook mensen die lopend naar boven gaan. We betalen 4 Rs voor de entree en 50 Rs voor de camera. We lopen ongeveer 1,5 uur rond. We zien onder andere de Sheesh Mahal, de spiegelzaal. De wanden van deze zaal zijn ingelegd met duizenden spiegeltjes. De zaal werd vroeger voor privé-audiënties gebruikt. Na een bezoek aan het fort gaan we lopend naar beneden. Onderweg zien we apen in de bomen hangen en lopen er apen tussen ons door in de hoop dat ze wat te eten krijgen.
Op de terugweg naar het hotel laten we de taxi stoppen bij een meer om enkele foto's te maken van het Jal Mahal, het waterpaleis. Als we uitstappen komt er een jongetje aan met een muziekinstrument dat lijkt op een viool. Gerda mag even op zijn instrument spelen en zaagt hem bijna door. Helaas voor de jongen besluiten we om het instrument niet te kopen. De chauffeur heeft haast; hij rijdt als een wilde, luid toeterend door het drukke verkeer. Terwijl Leo aan het filmen is, rijden we bijna een scooter aan. Gelijktijdig wordt aan de overzijde van de weg een jongen op een scooter aangereden door een bus. Hij vliegt enkele meters door de lucht. Even later zien we een jongetje met zijn voet of broek vastzitten tussen de ketting van een fietsriksja.
Aangekomen bij het hotel nemen we eerst iets te drinken in de tuin. Roos besluit weer te gaan winkelen met enkele leden van de groep. Er moet ook geld worden gewisseld. Ze brengen eerst een bezoek aan de Tripolia Bazaar. Ze lopen in totaal 1,5 uur op zoek naar een Thomas Cook kantoor. Ze worden van hot naar her gestuurd. Uiteindelijk wisselen ze de cheques bij een ander kantoortje. Later blijkt de wisselkoers in het hotel niet veel slechter te zijn. Leo brengt de middag door aan de rand van het zwembad (het enige zwembad deze vakantie). Hij raakt in gesprek met de Nepalese ober en wordt uitgenodigd bij hem thuis..
De ober woont achter het hotel in een donkere schuur met zijn vrouw en kind. Hij laat vol trots en gastvrij zijn kamer zien. In deze ene ruimte staat zijn bed en al zijn bezittingen (inclusief televisie). Achter het hotel blijken alle personeelsleden te wonen. De ober werkt negen maanden in het hotel en gaat dan voor drie maanden terug naar Nepal. Als we er een landkaart bijhalen, blijkt hij niet aan te kunnen wijzen waar hij in Nepal woont. Volgens ons kan hij niet lezen en heeft hij nog nooit een landkaart van Nepal gezien. De ober blijkt wel enige woorden Nederlands te spreken. Vooral de te betalen bedragen kan hij in het Nederlands opnoemen.
Aan het begin van de avond gaan we weer op pad. Onderweg naar de Chandpol Bazaar lopen we tussen het drukke verkeer door. Aan de rand van de weg zitten veel mensen hun zelf verbouwde groenten te verkopen. Ze hebben hun waar op de grond uitgestald tussen de bergen afval en bouwmaterialen. We worden begeleid door een meisje van ongeveer 14 jaar en haar vriendjes. We lopen door smalle straatjes, waar diverse ambachten worden uitgeoefend. Elke straat heeft zo zijn eigen ambacht. Er is een hele straat waar glazen armbanden worden gemaakt, een straat vol met juweliers, een straat vol met kledingzaken etc. Als we voor het meisje schriften willen kopen, wil ze deze niet hebben. Op de vraag wat ze dan wel wil hebben, loopt ze naar een speelgoedwinkel en kiest ze miniatuur keukengerei uit. Als de verkoper een te hoge prijs vraagt, wil ze het niet meer hebben en loopt ze door.
Ondertussen hebben we flinke honger gekregen. We besluiten te gaan eten in de Pizzahut (!). Hiervoor hebben we vervoer nodig. Op een plein staan veel riksjarijders. Er staat één grote riksja waarin we met enige moeite met zijn zessen passen. Als we het dan ook eens worden over de prijs (90 Rs) kunnen we gaan. Ton vindt het allemaal te lang duren en besluit achter het stuur te kruipen. Tot groot vermaak van alle aanwezige riksjarijders rijdt hij met de riksja weg terwijl wij achterin zitten. Als hij de riskja weer tot stilstand heeft gebracht, staat iedereen te lachen. Als we bij de Pizzahut aankomen, maken we met de riksjarijder de afspraak dat hij ons weer komt ophalen. We eten heerlijk knoflookbrood en een pizza. Voor de overgebleven pizzastukken vragen we een doggybag. We willen de bijna gehele pizza die over is gebleven aan een zwerver geven. Buiten lopen we nog een rondje door het luxe winkelcentrum waar de meeste winkels al gesloten zijn of aan het sluiten zijn. Als een zwerver geld komt bedelen, geven we hem de pizza. Hij kijkt erg verongelijkt. Hij wil namelijk geld en geen eten. Als we de pizzadoos weer terug willen pakken, bedenkt hij zich. Hij wil de pizza toch graag zelf houden. Omdat we veel eerder dan de afgesproken tijd terug zijn, staat de riksjarijder er nog niet. We besluiten, met enig schuldgevoel, twee andere riksja's te nemen naar het hotel. We gaan nog even internetten en telefoneren naar Nederland. Daarna nog iets gedronken in de tuin van het hotel.