DAG 5 - woensdag 15 maart
Vandaag staan we vroeg op. Om 6.30 uur gaat de wekker en om 7.00 uur zitten we aan het ontbijt. Het wordt vandaag een lange dag. Om 8.15 uur worden we met riksja's naar het busstation gebracht voor een busrit van 320 kilometer (uim 9 uur!) naar Jaisalmer. Als we bij het busstation aankomen, blijkt dat we niet met de bus mee mogen in verband met de oorlogsdreiging tussen Pakistan en India. Er mogen geen buitenlanders met de bus mee omdat de bus een weg zal volgen die op een afstand van 35 kilometer van de grens loopt. We worden naar een ander busstation gebracht.
Hier kunnen we om 9.30 uur een staatsbus naar Pokaran nemen. Pokaran ligt op een splitsing tussen de wegen naar Jaisalmer, Jodhpur en Bikaner en ligt 110 kilometer van Bikaner. In de omgeving van Pokaran neemt India zijn kernproeven. Het is te hopen dat we vanavond geen licht geven in het donker. In Pokaran zullen we overstappen op een bus naar Jaisalmer. Onderweg maken we veel stops en er zit veel lokale bevolking in de bus. Onderweg, midden in de woestijn, passeren we twee fietsers. Als we enkele minuten voor een treinoverweg moeten wachten, komen de fietsers naast de bus staan. Het blijken - hoe kan het ook anders - Nederlanders te zijn. Zij trekken 4,5 week op de fiets door Rajasthan. Zij zijn van mening dat wij meer moeten afzien in die krappe bussen dan zij op de fiets. Inderdaad zitten we wel erg krap. We hebben nauwelijks plaats voor onze knieën. Maar op de fiets door de woestijn lijkt ons ook niet erg prettig.
Om 14.30 uur komen we in Pokaran aan. De bus naar Jaisalmer wordt pas rond 16.00 uur verwacht. Dat wordt dus wachten in de hitte. Martin geeft de vrouwen in de groep de opdracht om de bus te bestormen zodra die arriveert. We hebben namelijk geen gereserveerde plaatsen en er zijn hier veel Indiërs die ook naar Jaisalmer gaan. De mannen zullen voor de bagage zorgen. Om kwart over vier komt de bus aangereden. De dames blijken aan de verkeerde zijde van de bus te staan. Het verkeer rijdt hier links en de ingang van de bus bevindt zich dus ook aan de linkerzijde. Heel dom! De bus zit al aardig vol, maar we kunnen de achterbank en een aantal andere plaatsen in beslag nemen. Iedereen van de groep kan zitten. Ook nu worden we weer van heel dichtbij ongegeneerd aangestaard door de bevolking. We krijgen een stortvloed van vragen over ons heen en ze lachen ons zelfs uit. Leo deelt ballonnen uit, Huub ansichtkaarten van Almere en er worden snoepjes uitgedeeld. Het ijs is snel gebroken.
Om 18.30 uur komen we aan in Jaisalmer. Op het busstation worden we bestormd door riksjarijders. Er worden er vijf uitgekozen en zij mogen ons naar het hotel Jaisal Palace rijden. Het blijkt een zeer sfeervol, doch eenvoudig hotel te zijn. Op het dak van het hotel kijken we naar de ondergaande zon, drinken we een colaatje en komen we bij van deze vermoeiende, maar leuke dag. We hebben een prachtig uitzicht op de ommuurde oude stad. Het hoog gelegen fort lijkt deel uit te maken van het sprookje duizend en één nacht. Na een lekkere warme douche eten we in het hotel voor 170 Rs.
Na het eten gaan we nog op zoek naar een winkeltje waar we kunnen internetten. Dat winkeltje vinden we en we sturen ons tweede emailtje. Buiten zit een groep mannen luid te zingen. Waarom weten we niet. Ze hebben wel veel lol. We praten nog even met een riksjarijder. Hij heeft wiskunde gestudeerd, maar krijgt van de regering geen baan. Hij heeft 60.000 Rs van de bank geleend en heeft daarvan een brommer-riksja gekocht. Hij betaalt nu 300 Rs per maand af over een periode van twee jaar . Hij heeft nog een half jaar te gaan. Als we terugkomen bij het hotel is de deur al op slot. Een slaapdronken Indiër doet de deur voor ons open. Later zal blijken dat bijna alle hotelbedienden achter de deur op de grond slapen. In dit hotel mogen enkele bedienden op het dakterras slapen. We hebben zelfs hotels gehad waar het personeel op de eettafels sliep.

DAG 6 - donderdag 16 maart
Vandaag slapen we tot 9.30 uur uit. De harde bedden beginnen al te wennen en we hebben heerlijk geslapen. Bij het ontbijt blijkt iedereen uitgeslapen te hebben. Na het ontbijt gaan we met een gids (gratis aangeboden door het hotel) Jaisalmer verkennen.
Eerst worden we naar het Gadsi-sar-meer gebracht. Het meer ligt twee kilometer ten zuidoosten van de stad en was vóór 1987 de enige watervoorziening van de stad. Het is een rustige plek met oude gebouwen en tempels. Sommige gebouwen komen uit de 14e eeuw. We hebben een mooi uitzicht op de oude stad die gelegen is op een heuvel. Vervolgens worden we naar de oude stad gebracht.
De ommuurde stad betreden we via vier poorten in het oosten. Er wonen 4.000 mensen binnen de muren. Het zijn voornamelijk brahmanen (goed opgeleide priesterkaste). We brengen eerst een bezoek aan het paleis van de maharadja, de Raj Mahal, dat vlak bij de ingang van de stad ligt. Een deel van dit paleis dateert van het begin van de 16e eeuw. Latere vorsten voegden er tot het eind van de 19e eeuw nieuwe delen aan toe. Het wordt een beetje teveel van hetzelfde: Italiaanse en Chinese tegels, stenen deuren met beeldhouwwerk dat op hout lijkt, spiegels, jali-schermen en bewerkte balkons.
Na het bezoek aan het paleis dumpen we onze gids. Hij blijft maar zeuren over een fabriekje dat zijn familie heeft en dat we vooral niet de duur in de stad moeten inkopen. Dat verhaal hebben we vaker gehoord. Met een paar rupees bedanken wij hem voor bewezen diensten. We lopen de smalle straatjes van de stad door. De haveli's of koopmanshuizen staan in veel reisgidsen afgebeeld. Dit is ook terecht, want ze zijn bijzonder rijk bewerkt. De steenhouwers waren echte kunstenaars en hebben het fijne en zachte zandsteen zeer mooi kunnen bewerken. Het holi-festival brandt overmorgen los en dat kunnen we nu al merken. Er lopen veel kinderen op straat met waterpistooltjes en kleurpoeder. Tot nu toe kunnen we het droog houden, maar het belooft niet veel goeds voor overmorgen.
We lunchen in het Midtown Restaurant dat hoog is gelegen en een mooi uitzicht op de stad biedt. Leo neemt Vegetable Pokkara's en Rosalie Pineapple Pokkara's. Het zijn kleine hapjes met respectievelijk groenten en ananas met een paneerlaagje eromheen. Erg lekker. De rest van de middag winkelen we met Gerda en Ton. We kopen broeken, hemden en slippers. Uiteraard allemaal Indian Style en tegen Indiaase prijzen (na heftige onderhandelingen). We kopen twee broeken en een lang shirt (kurta) voor 400 Rs en handgemaakte leren teenslippers voor 100 Rs. Geen geld, maar toch hebben we nog het gevoel dat we teveel betalen.
Om 18.00 uur zijn we terug in het hotel. We gaan eerst een uurtje slapen. Daarna gaan we weer de stad in om te eten. We kiezen nogmaals voor het Midtown Restaurant. Rosalie neemt nu spaghetti (uiteraard vegetarisch) en Leo neemt de Rajasthan Thali Speciaal. We laten het ons wederom lekker smaken. Na het diner nog even het internetwinkeltje opgezocht. Als we terugkomen in het hotel zit het grootste gedeelte van de groep al op het dak te borrelen. Het is een heerlijk temperatuurtje en we hebben een mooi uitzicht op de verlichte muren van de oude stad. Echt genieten…

DAG 7 - vrijdag 17 maart
Na het ontbijt zijn we weer gaan winkelen. In de smalle straatjes zijn tientallen leuke kledingwinkels te vinden. De meeste winkels zijn niet breder dan twee meter. Als je een winkel binnenstapt, worden direct de kleurrijke blouses, broeken en shirts tevoorschijn gehaald. Als je een kleur niet mooi vindt, is dat geen probleem. Uit de vele stapels kleding weten de verkopers altijd wel een ander kleurtje te vissen. Binnen enkele minuten ligt de grond bezaaid met kleding in alle modellen, maten en kleuren. Als je zelfs dan niet slaagt, kan de kleding ter plaatse gemaakt worden in elke gewenste kleur of in elk gewenst model. In de meeste winkels zit dan ook een kledingmaker (meestal op de grond) met een ouderwetse hand-naaimachine de hele dag kleding te stikken. Zijn werkomgeving beslaat niet meer dan één vierkante meter. Binnen enkele minuten is je kleding klaar. Zonder probleem zijn zij ook in staat een lekker zittend kledingstuk uit Europa na te maken.
Het meeste tijd van het winkelen gaat op aan het onderhandelen over de prijs. De vraagprijs ligt meestal tweederde hoger dan de uiteindelijk verkoopprijs. De kunst is dus om zonder met je ogen te knipperen te beginnen met een belachelijk lage prijs. Hierdoor heb je de ruimte om enkele malen je prijs te verhogen. Zolang je in de winkel blijft staan, blijft de vraagprijs aan de hoge kant. Als je wegoopt, daalt de vraagprijs. Wij merken dat de verkopers precies op de hoogte zijn van al je aankopen. Ze weten precies wat je gisteren betaald hebt voor de shirts in de winkel twee straten verderop.
Om 12.45 uur zijn we terug bij het hotel. Arie is zo te zien flink te grazen genomen door de plaatselijke jeugd. Zijn kleding zit onder de verf. Het Holi-festival is reeds begonnen. Leo besluit enkele ballonnen te vullen met water zodat we bij een eventuele aanval terug kunnen vuren. Als Leo buiten loopt, wordt hij geraakt door één van eigen ballonnen. Gelukkig blijft de ballon heel en blijft hij droog. Martin blijkt deze ballon gegooid te hebben vanaf het dakterras.
Om één uur vertrekken we voor onze jeep- en kameelsafari. Volgens het reisprogramma zouden we twee dagen op een kameel door de woestijn van Rajasthan rijden. In verband met de te verwachten pijn in onze kont, hebben wij Martin gevraagd het programma iets te veranderen en de eerste dag de woestijn per jeep te verkennen. De tweede dag van de safari gaan we dan kameel rijden. De twee jeeps staan reeds naast het hotel en worden ingeladen. Het eten, het keukengerei en de dekens worden op het dak geladen. Rond 13.15 uur staan de jeeps klaar voor vertrek. Wij stappen, samen met Ton en Gerda, in een jeep. We zitten achterin, met onze voeten op een enorme gasfles. Martin zit voorin tussen drie Indiërs. Verder hangt er achter aan de jeep ook nog een Indiër. Hij zit half op het reservewiel.Wij kunnen ons niet voorstellen dat hij dit de hele dag gaat volhouden..
We rijden de woestijn in en brengen een bezoek aan de tempelgebouwen die zijn gebouwd ter ere van de overleden Maharadja's. Roos raakt in gesprek met enkele Indiërs die trots hun kleine kinderen laten zien. Ook hier zijn er weer kinderen die geld vragen. Deze kinderen vragen echter niet om rupees maar om Nederlands geld. Nadat Leo enkele Nederlandse muntjes heeft gegeven, proberen ze deze direct weer te verkopen aan de andere groepsleden. Martin vertelt dat er in India winkels zijn waar kinderen hun presentjes, zoals pennen en schriften, kunnen verkopen. De winkelier verkoopt deze handel dan weer aan toeristen, die de presentjes vervolgens weer aan de kinderen geven. Een manier van recycling.
De rest van de dag rijden we door de woestijn, bezoeken we enkele tempels, de ruïnes van een verlaten stad en een bewoond dorpje. Als we in dit dorpje uitstappen, worden we direct welkom geheten door de kinderen. We worden uitgenodigd om de kleine woningen binnen te stappen. Ze wonen hier in kleine stenen huisjes zonder ramen om de warmte buiten te houden. Er is geen elektriciteit of stromend water. Soms staan de koeien en geiten in huis. In een "tuin" zitten enkele vrouwen wol te spinnen. We delen weer ballonnen, pennen, schriften en ansichtkaarten van Nederland uit.
Aan het eind van de middag komen we aan bij indrukwekkende zandduinen. In dit gedeelte van de woestijn groeit niets. Als we op zoek zijn naar een leuke overnachtingsplek, loopt één van de jeeps vast in het zand. De jeep blijkt niet voorzien te zijn van vierwielaandrijving en er zit bijna geen profiel meer op de banden. De Indiërs hebben de grootste moeite om de jeep uit te graven. Wij kijken ondertussen naar de vele toeristen die op kamelen terugkeren van een warme dag in de woestijn. De meeste kamelen komen in draf voorbij waarbij de berijders zich vreemd stuiterend, zittend proberen te houden. Als de jeep is uitgegraven kunnen we verder.
Het kamp wordt opgeslagen tussen enkele zandduinen. Bovenop een duintop gezeten, genietend van een verse kop koffie of thee, wachten we op de zonsondergang. Tot groot ongenoegen van een aantal groepsleden worden we omringd door tientallen grote mestkevers die ons zeer interessant vinden. De jeeps worden ondertussen uitgeladen en het kamp wordt ingericht. De zonsondergang is prachtig!
Het kampvuur en de fakkels worden aangestoken. We gaan zitten op de dekens rond het kampvuur terwijl het eten wordt klaargemaakt. We krijgen een lekkere Thali-maaltijd (rijst met groenten en een chapati). De avond wordt pratend doorgebracht. De meeste gesprekken gaan over relaties en over reizen. Het is bijna volle maan en er staan veel sterren aan de hemel. Rond middernacht besluiten we te gaan slapen.
De "matrassen" en dekens worden uitgerold. Wij gaan in onze lakenzakken liggen onder onze eigen dekens en onder de kamelendekens aangezien het behoorlijk fris begint te worden. Als iedereen ligt, vallen de meesten direct in slaap. Na een half uurtje ziet Rosalie een beest. Het beest, een geit of een hond, is op zoek naar etensresten en loopt tussen de slapende Indiërs door, in de richting van het kookgerei. Daar vindt het een plasje water. Met veel geslupt lebbert hij plasje leeg. 's Nachts wordt het kamp door meer dieren bezocht. We kunnen maar moeilijk de slaap vatten. Het zand ligt erg hard, onder de dekens is het erg warm, maar onze gezichten zijn erg koud. Ook wordt er hier en daar flink gesnurkt. Uiteindelijk vallen we toch in slaap.

DAG 8 - zaterdag 18 maart

Om zes uur worden wij als eerste wakker. Enig stram gaan we op zoek naar een geschikte toiletlocatie achter een zandduin. De zonsopkomst is prachtig. Leo zit enigszins versuft wakker te worden, terwijl de zon van achter de zandduinen langzaam omhoog kruipt. Als de rest van de groep ook wakker is, is het ontbijt al klaar. Tijdens het ontbijt komt er een groep kamelen aangelopen. Op de kamelen zitten enkele jonge kameeldrijvers. De jongste blijkt maar acht jaar te zijn. Elke kameel is voorzien van een zadel. We krijgen allemaal een eigen kameel tot onze beschikking en iedereen stapt op. Als de kameel gaat staan of gaat zitten, moet je oppassen dat je er niet vanaf valt. Als de kameel gaat zitten gaat hij namelijk eerst door zijn voorpoten waardoor het lijkt alsof je gelanceerd worden en dat je er voorover vanaf valt. Als hij eenmaal ook door zijn achterpoten is gezakt, kan je gemakkelijk afstappen. Als de kameel gaat lopen, moet je als een zoutzak te gaan zitten. Het heeft geen nut om mee te gaan zitten bewegen zoals op een paard. Als de kameel in galop gaat, zit je behoorlijk te stuiteren.

We maken een tocht door de zandduinen. Onderweg maken we een drankstop en genieten we van het uitzicht. Als we weer verder gaan, zien we onder één van de weinige bomen twee koeien staan, waarvan er één net heeft gekalfd. De koe staat het kalf nog schoon te likken. Als de pijn in onze kont en dijen behoorlijk opsteekt, blijkt gelukkig het eind van de rit in zicht. In de verte zien we de jeeps al staan. Iedereen heeft erg genoten van deze kamelentocht, maar is ook blij dat we geen twee dagen op een kameel hebben hoeven te zitten..
Na een korte rit met de jeep komen we aan bij het hotel. Na een verfrissende douche, rusten we nog enkele uren uit op onze kamer. 's Avonds gaan we in gezelschap van enkele groepsleden eten in het Trio-restaurant. Met live-muziek genieten we van een heerlijke maaltijd. Bij het afrekenen blijven we ons verbazen over de prijzen. Na het eten gaan we nog een uurtje internetten. We hebben veel leuke reacties ontvangen op onze eerder verstuurde mailtjes.

DAG 9 - zondag 19 maart

Om 8.00 uur zal de bus naar Jodphur vertrekken, een rit van 305 kilometer. Dit betekent dat we vandaag wel weer geen groot aantal uren opgevouwen in een bus zullen zitten.. Na het ontbijt op het dakterras worden we om 7.45 uur met de jeeps naar het busstation gebracht. Helaas is Saskia zo ziek dat ze niet meegaat. Ze blijft achter in het hotel en hoopt ons over enkele dagen achterna te kunnen reizen.

Tijdens het inladen van de rugzakken in de kofferruimte van de bus, vraagt de busjongen (een knaapje van ongeveer 14 jaar) geld voor de bagage. Daar trappen we niet in Hij zegt dat - als we niet betalen - de rugzakken op het dak moeten. Aangezien Holi hier vandaag al gevierd wordt, lijkt dat ons geen goed idee. Hoe bedoel je, extra betalen? Omdat we met één persoon minder reizen, hebben we al teveel betaald aan de buskaartjes. De bagage blijft vooralsnog naast de bus staan. Martin gaat in conclaaf met enkele Indiërs om ervoor te zorgen dat we niet hoeven te betalen. Als de eigenaar van de bus erbij is gehaald, mag - na onderhandeling- de bagage toch (zonder extra te betalen) in de kofferruimte.

De kaartjesverkoper van de bus is bekogeld met verf

Het wordt erg druk in de bus. Er wordt erg veel gestopt om mensen in en uit te laten stappen. Als er een vrouw met kinderen instapt, mag ze gebruik maken van onze extra zitplaats. Ook van het dak wordt optimaal gebruik gemaakt. Regelmatig klimt de kaartjesverkoper tijdens het rijden uit het raam, het dak op. Als hij aan de nieuwe passagiers zijn kaartjes heeft verkocht, klimt hij weer via het raam naar binnen.
Rond twee uur komen we aan in Jodphur. Onze eerste indruk is dat het een grote, smerige en stoffige stad is. Vanaf het busstation worden we met riksja's naar het Arun Hotel gebracht. Dit hotel blijkt een echt backpackers-hotel te zijn. Lange donkere gangen bieden via klapdeuren toegang tot de kamers. De muren van de kamer zijn van graniet. Het lijkt wel zo'n oudewetse grijze douchecel. De kamer is wel voorzien van een badkamer en TV en het is er redelijk schoon. In het hotel is ook een slaapzaal waar backpackers in stapelbedden kunnen slapen. Momenteel maakt hier niemand gebruik van. Hoewel we al een lange reis achter de rug hebben, besluiten we toch de stad in te gaan.
Als we het hotel uitkomen steken we een grote straat over en lopen we via allerlei kleine straatjes richting het fort dat op een rots hoog boven boven de stad is gebouwd. Bij toeval komen we uit op de Sadar Bazaar, een kleurrijke markt met een karakteristieke klokkentoren en toegangspoort. Hier besluiten we even de Lonely-planet te lezen onder het genot van een verfrissend drankje. Rond ons heerst een drukte van belang. Alles wordt hier verkocht: groente, fruit, kleding, armbanden en erg veel verfpoeder voor het Holi-festival.
Ook zien we kappers op straat zitten. Mannen laten zich door hen scheren. Ze krijgen voor hetzelfde geld ook een korte massage Eén kapper zit wild met zijn schaar de haardos van een kleine jongen bij te werken. Aan de plukken haar die op de grond liggen te zien, hebben ze vandaag al heel wat klanten geknipt en geschoren. Als we zijn uitgekeken op de bazaar laten we ons voor 30 Rs met een riksja naar het Mehrangarh-fort rijden. Het blijkt nog een hele rit te zijn naar het fort. Eerst doorkruisen we een gedeelte van de stad. Vervolgens kan de riksja met moeite de heuvel opkomen. Even let de chauffeur niet op en rijden we op de verkeerde weghelft bijna frontaal tegen een tegenligger. Met een grote rookwolk achter ons, komen we uiteindelijk boven op de heuvel aan bij de ingang van het fort. We voelen ons beiden niet erg lekker en zijn erg moe. We zetten toch maar even door!
Vanaf het fort hebben we een mooi uitzicht op de blauwe huisje in de stad onder ons. In deze blauwe huisjes wonen de Bramaan-mannen. Deze mannen maken deel uit van één van de hogere kasten en zijn herkenbaar aan een houten ketting rond de nek. Natuurlijk moet er weer entree betaald worden voor onze foto- en videocamera. De prijs voor een videocamera is relatief erg hoog. We besluiten de camera dan ook niet te gebruiken en deze op te bergen in de rugzak. Met een lift, laten we ons omhoog brengen. Vanaf dit hoge punt kunnen we de diverse zalen van het fort bezoeken. We lopen vlug door enkele zalen en hebben het snel gezien. We hebben ongelofelijke dorst en hebben stom genoeg geen drinken bij ons. We zien vervolgens weinig van het fort en zijn alleen op zoek naar drinken. Uiteindelijk vinden we een restaurantje en kopen daar een "duur" blikje 7 Up. We verlaten het fort door wandelend naar beneden te lopen.
 
Buiten aangekomen proberen de riksjarijders veel geld te verdienen door een belachelijke prijs te vragen voor de terugrit. We lopen weg en dreigen te voet de berg af te lopen (wat we helemaal niet van plan zijn). De prijs daalt naar de gewenste 30 Rs. Als we terug zijn in het hotel besluiten we even op bed te gaan liggen. We voelen ons allebei een beetje zweverig. 's Avonds besluiten we in het hotel iets te eten te nemen. Het "restaurant" ziet er niet uit en er is verder niemand. We nemen allebei een tomatensoep (die gelukkig uit blik komt). Leo vraagt gebakken rijst maar krijgt gekookte rijst. Roos neemt de Noodles Special. We nemen allebei maar enkele happen en keren weer snel terug naar de kamer. Hier nemen we, naast onze gebruikelijk dosis medicijnen (vitaminen en malaria-tabletten) ook ORS. We gaan ons al wat beter voelen. We lezen nog wat boekjes en kijken lui naar televisie.